Veldgebruik
Er zijn een paar spelregels voor het gebruik van jullie kunstgrasvelden. Kunstgrasvelden zijn nog steeds enorm duur. Met elkaar kunnen we de levensduur verlengen en zorgen dat onze velden er picco bello uit zien. Hieronder staan de belangrijkste regels op een rijtje:
-
Het veld alleen betreden met hockeyschoenen, sportschoenen met kleine noppen of licht geprofileerde zolen. nooit met naaldhakken en ook niet met traditionele voetbalschoenen.
- Veeg je schoenen goed schoon voor je het veld op gaat. Gras en vuil maken dat de kunstgrasmat gaat ‘verdichten’ en vervuilen en zijn een voedingsbodem voor de zo gevreesde algen en mossen.
- Gebruik de poortjes om het veld op te gaan, daar ligt ook een zogenaamde afloopmat of rooster om je schoenen af te kloppen.
- Geen kouwgom op het veld en niet roken svp.
- Voorkom geluidhinder en sla bij wijze van training geen ballen tegen de kantplanken.
- Ruim de papiertjes, schillen, dozen en lege flesjes van het veld. Neem ze mee uit de dug-outs en gooi ze in een van de vele afvalbakken.
- Goals moeten met de wielen worden verplaatst en mogen niet over het veld worden geschoven.
Gebruik bij vorst en sneeuw
-
Bij vorst en sneeuw gaat het in eerste instantie om of het veld niet te glad en gevaarlijk om op te spelen. In tweede instantie is een beoordeling nodig om schade aan het veld te voorkomen.
- Goed- of afkeuren voor de velden gebeurt door de verenigingsmanager Roel Lambriex , in geval van trainingen in samenspraak met de aanwezige technische coördinator.
- Een klein beetje rijp of lichte sneeuw hoeft de spelers niet te deren, maar kan bij bespeling toch heel slecht zijn voor de mat. Als onder de schoen opgebouwde sneeuw of rijp loslaat en weer vastvriest aan de mat kan de volgende schoen van een speler niet alleen het bultje sneeuw losmaken, maar ook een stuk vezel van de mat meetrekken.
Beregening
Het bedienen van de beregeningsinstallatie is voorbehouden aan trainers, jeugdtafel op zaterdagochtend, coaches op zaterdagmiddag, de barcoördinator op zondag, de managers van heren en dames 1, Roel Lambriex en bestuurslid accommodatie.
Veldverlichting
Veldverlichting is een kostbare zaak. Met licht moeten we spaarzaam omgaan. De verlichting is niet op een timer aangesloten waardoor we tijdig uitzetten zelf in de gaten moeten houden. De inschakelkast is toegankelijk voor de trainers, jeugdtafel op zaterdagochtend, coaches op zaterdagmiddag, de barcoördinator op zondag, de managers van heren en dames 1, Roel Lambriex en bestuurslid accommodatie. In de regel wordt bij wedstrijden het moment van inschakelen aangegeven door de scheidsrechters.
Videotoren
In vaktermen een ‘prak’ kan gebruikt worden voor het filmen van wedstrijden. De ladder is niet beveiligd met een plank zodat kinderen erop kunnen klimmen. De hoofdtrainers bepalen wie er mogen filmen en instrueren de gebruiker. De gebruiker is zelf verantwoordelijk voor het veilig gebruik.
Afmetingen en belijning, n
ationaal en internationaal
De afmetingen van een wedstrijdveld zijn 91,40 x 55 meter.
Zestal veld
Voor het 6E hockey wordt gebruik gemaakt van bestaande velden. 6E hockey vindt plaats op een kwart veld, waarbij de zijlijnen als doellijn fungeren. Zo kunnen op 1 veld, vier veldjes voor 6E hockey worden uitgezet. Een tweede mogelijkheid is het uitzetten van een specifiek mini-veld.Aangeraden wordt om dan een veld neer te leggen waarbij de afmetingen vergelijkbaar zijn met de afmetingen die een 6E veld op een groot veld heeft,namelijk 55 x 23 meter. Ten aanzien van de uitloop bij de aanleg van een kunstgras 6E veld is het niet strikt noodzakelijk om 4 meter en 2 meter te gebruiken, een mindere brede uitloop is ook aanvaardbaar. (dit geldt ook voor de aanleg van een specifiek 8D-veld)
Achttal veld
De afmetingen van een achttal-hockeyveld zijn 55 x 56 meter. Op een wedstrijdveld kan worden gespeeld op een half veld van zijlijn naar zijlijn tussen de middenlijn en de achterlijn.
Uitloop
Rondom de velden moet een obstakelvrije uitloop zijn:
1. Achter de achterlijn minimaal 4 m breed
2. Naast de zijlijn minimaal 2 m breed
De uitloopruimte moet obstakelvrij zijn, er mag geen enkel uitsteeksel/obstakel, bijvoorbeeld voorzijde dug-out, hekwerken, poorten zich binnen de uitloopruimte bevinden. Bij voorkeur moet het hele speeloppervlak inclusief de uitloopstroken bestaan uit één en hetzelfde materiaal, maar een verharding in de uitloopstroken ter breedte van maximaal 0,50 meter tegen het hekwerk is toegestaan.
Veld vrijmaken/doelen in uitsparingen plaatsen
Aangezien (tijdens wedstrijden) in de uitloop geen obstakels mogen voorkomen, wordt geadviseerd de doelen na het gebruik te verplaatsen naar de buitenzijde van het speelveld. Hiertoe dient in de speelveldafzetting een uitsparing te worden aangebracht.
Gebruik Oefencirkels
Een veldgedeelte met oefencirkels kan tevens worden gebruikt als trainingsveld onder meer voor het oefenen van strafcorners en de keeperstraining. Bij voorkeur is het de bedoeling hiervoor het goal van het miniveld te gebruiken. De goals in de zijvakken van de overige velden zijn alleen te gebruiken voor keeperstrainingen als er een net in geplaats is en er achter het doel geen gevaar kan ontstann voor toeschouwers, passanten en gebruikers van aangrenzende velden.
Het aanbrengen van dergelijke cirkels betekent wel dat er op dit veld geen officiële Europese-, wereld- en Olympische titeltoernooien kunnen worden gehouden. Wel kunnen er (oefen)interlandwedstrijden op worden gespeeld.
Internationaal (Extra onderbroken cirkel)
Op velden waar officiële Europese-, wereld- en Olympische titeltoernooien plaatsvinden moet een extra cirkel worden aangebracht. Deze cirkel bestaat uit een onderbroken lijn met de buitenzijde van die lijn op 5 meter van de buitenzijde van elke cirkellijn.
Bespeling van kunstgrasvelden bij vorst en sneeuw
Het bespelen van kunstgrasvelden tijdens een vorstperiode geeft voor het veld geen problemen, tenzij sprake is van extreme vorst,dat wil zeggen meer dan 10 graden celcius vorst. Voor de
beoordeling van een (semi)-zandkunstgras speeloppervlak voor bespeling tijdens vorst zijn de navolgende criteria van belang:
- Een, wegens bevriezing, hard speeloppervlak;
- Oneffenheden welke zijn ontstaan door ongelijke zandverdeling;
- Geringe naadopeningen, bevroren blad- en vezelresten;
- Geen uniform stroef speeloppervlak wegens plaatselijk gladde plekken welke met name ontstaan op schaduwrijke plaatsen;
- Een oneffenheid veroorzaakt door de genoemde omstandigheden zal wegens een relatief hard speeloppervlak en een daardoor hogere balsnelheid een afwijkend balgedrag veroorzaken en het (blessure) gevaar voor de spelers doen toenemen.
- Indien sprake is van één of meerdere van de genoemde omstandigheden kan een(semi)zandkunstgrasveld worden afgekeurd, wegens (blessure)gevaar voor de spelers.
- Voorwaterkunstgrasvelden is het volgende van belang: door vernieuwde testen op het terrein van wrijving en G-krachten is het verplicht om een waterkunstgrasveld in een natte conditie te bespelen. In de winter worden waterinstallaties afgesloten en is het dus niet mogelijk om het veld via besproeiing nat te maken.
Voor de beoordeling van bespeling van een waterkunstgrasveld bij vorst zijn dan ook de volgende twee zaken van belang: ten eerste is het veld vochtig, en ten tweede, nog belangrijker, is het veld veilig om op te spelen. Met andere woorden: levert bespeling wel of niet onnodig risico voor de speelsters en spelers op.
Praktische tip
Om te bepalen of een veld hogere balsnelheid en afwijkend balgedrag veroorzaakt, is het aan te raden om alleen of met meerdere een aantal hockeyballen in de lengterichting en breedterichting van het kunstgrasveld te slaan.
Bespeling van met sneeuw bedekte kunstgrasvelden
Indien het speelveld is bedekt met een laag sneeuw is het raadzaam het veld niet te betreden en zeker niet te bespelen.
Door het betreden wordt de sneeuw samengedrukt en zal ter plaatse op het veldoppervlak ijsvorming ontstaan waarin de vezels van de kunststofmat vastgevroren raken.
Wanneer onder dergelijke omstandigheden wordt gespeeld en daardoor de sneeuwlaag over een groot oppervlak van het speelveld wordt geplet(=samengedrukt) zal deze niet meer kunnen worden verwijderd en zal het bij invallende dooi ook langer duren voordat de samengedrukte sneeuwijsplakken zijn weggesmolten en het veld weer bespeelbaar is.
Gevoelstemperatuur
Naast de temperatuur bestaat er ook nog de zogenaamde gevoelstemperatuur. Gevoelstemperatuur is geen echte temperatuur, maar meer een beleving die persoons en plaats gebonden is. In de beoordeling of er wel of niet gespeeld kan worden bij bepaalde temperaturen onder nul, met daarbij een bepaalde windkracht is dan ook geen strak getal aan te geven. In een omgeving waar door bomen de wind getemperd wordt, kan wellicht met dezelfde wind en temperatuur gespeeld worden t.o.v. een veld dat vrij ligt.
Neem echter in uw beoordeling ook de leeftijd en de bewegingsintensiteit van de spelers en speelsters mee: de bewegings- en handelingssnelheid van F-kinderenis langer dan van kinderen in de B-leeftijd en bij hen zal dus sneller een bepaalde gevoelstemperatuur een overweging zijn om de wedstrijd niet door te laten gaan. |